Wat na de Pride? Aristoteles?!
De vraag wat “na de Pride” komt, kan gemakkelijk verkeerd worden begrepen alsof zij slechts betrekking heeft op de toekomst van één sociale beweging, één ideologische stroming of één specifieke cultuurstrijd rond seksualiteit en gender. De diepere vraag is echter fundamenteler. Zij betreft de mogelijkheid van politieke gemeenschap als zodanig: wat gebeurt er met een samenleving wanneer haar leden niet langer slechts van mening verschillen over concrete beleidskeuzes, morele kwesties of levensstijlen, maar uiteenlopende en mogelijk onverenigbare antwoorden beginnen te geven op de vraag wat de mens is, wat vrijheid betekent, welke betekenis lichamelijkheid bezit, welke gegevenheden normatief relevant zijn en welke grenzen een samenleving principieel behoort te bewaren? Vanuit dit perspectief is Pride minder de oorzaak van een beschavingscrisis dan een bijzonder zichtbare manifestatie van een veel diepere ontwikkeling. De hedendaagse strijd rond gender, identiteit, seksualiteit, gezin en opvoeding legt een antropologisch conflict bloot dat zich reeds veel langer in de westerse moderniteit ontwikkelt. De inzet daarvan is uiteindelijk niet alleen welke individuele levenswijzen maatschappelijk worden aanvaard, maar of een politieke gemeenschap duurzaam kan voortbestaan wanneer zij geen voldoende gedeeld antwoord meer bezit op de vraag wat een mens is en welke goederen het gemeenschappelijke leven behoort te beschermen.